gahetNA in het Nationaal Archief

30 jaar Falklandoorlog: een omstreden stukje Engeland


Den Haag

Nu het begin van de Falkland-oorlog tussen Groot-Brittannië en Argentinië 30 jaar achter ons ligt (2 april 1982), is de kwestie bij wie de soevereiniteit over de eilandengroep in het verre zuiden van de Atlantische Oceaan, ruim 400 kilometer van de Argentijnse kust, ligt nog steeds actueel.

De regering van president Cristina Fernández Kirchner probeert momenteel de Engelsen tot onderhandelingen te bewegen. Sinds de onafhankelijkheid van Argentinië in 1816 is de status van de Falkland- of Malvinas-eilanden een continu onderwerp van Brits-Argentijnse strijd geweest. Documenten in het Nationaal Archief geven een inkijkje in de onderhandelingen in de jaren ’60.

Argentinië wil de Malvinas

Vanaf de instelling van de Verenigde Naties in 1945 probeert Argentinië via dit internationale podium haar rechten op las Malvinas (de Argentijnse naam voor de Falklands) te laten gelden. Zonder al te veel resultaat. Als Groot-Brittannië in de jaren ’60 werk gaat maken van zijn dekolonisatiepolitiek, ziet Argentinë opnieuw haar kans schoon.

Onderhandelingen

De landen openen geheime onderhandelingen. De uitgangspunten zijn duidelijk: Groot-Brittannië wil dat de bevolking van de eilanden een belangrijke stem krijgt in het bepalen van haar toekomst. Argentinië eist erkenning van haar soevereiniteit over de Malvinas. Uiteindelijk wordt de dekolonisatie van de Falklands onderwerp van bespreking in commissievergaderingen van de Verenigde Naties.

Nederland schaart zich achter Engels standpunt

Minister van Buitenlandse Zaken Joseph Luns staat achter Engeland en schrijft op 16 november 1965 in een code-bericht aan de Nederlandse delegatie bij de Verenigde Naties: ‘over falkland eilanden ware nauw contact met britse delegatie te onderhouden (…) geen steun ware te verlenen aan een resolutie welke voor het vk [Verenigd Koninkrijk, red.] volstrekt onaanvaardbaar is. (…) desgewenst kan ontbreken van element van zelfbeschikking in de ontwerpresolutie worden gebruikt ter verklaring van eventuele tegenstem of onthouding’.

Eerste 25 jaar geen verandering

Van de nieuwe onderhandelingsronde in juli 1966 verwacht de Nederlandse ambassadeur J.H. van Roijen niet veel: ‘Het is moeilijk denkbaar, dat de komende besprekingen veel resultaat zullen opleveren. Geheel onmogelijk werd dit evenwel niet geacht. (…) Men had goede hoop, dat het de Argentijnen duidelijk zou zijn geworden, dat tegen de wil der bevolking niets kon worden ondernomen en dat op den lange duur de enige weg ter oplossing van dit geschil was gelegen in een toenemende bereidheid der plaatselijke bevolking zich meer op Argentinië te richten. De Britten zouden een vrijwillige aansluiting niet in de weg staan. Doch, zo deze weg al ingeslagen zou worden, zou dit wel een zeer lange weg zijn en zegsman zag voor de eerste 25 jaar vooralsnog weinig uitzicht op een verandering van de bestaande situatie.’

Uitstekend praat-onderwerp

De Nederlandse ambassadeur schrijft op 24 november 1966 dat de gemiddelde Argentijn bitter weinig belangstelling heeft voor de Falklands. Maar geen enkele Argentijnse regering kan het zich permitteren de Britse status te accepteren. Het Argentijnse sterke overdreven gevoel voor nationale soevereiniteit laat geen enkel begrip voor het Britse standpunt toe. De Malvinas lijken vooral als propagandamiddel te dienen. Zelfs Dr. Martín, de Argentijnse minister van Buitenlandse Zaken, beschouwde het politieke geschil met Groot-Brittannië over de Falklands als een uitstekend praat-onderwerp, zonder werkelijke betekenis.

Nationaal Archief

2.05.313 Buitenlandse Zaken/Code-archief, 1965-1974, inv.nrs. 11653 en 23867
2.05.114 Gezantschap Argentinië, 1911-1954, inv.nr. 444
2.05.158 Nederlandse ambassade in Argentinië, 1955-1974, inv.nr. 409

Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in