Nationaal Archief. Collectie, tentoonstellingen en activiteiten

Eindexamen en ander ongenoegen


Den Haag

Ruim 200.000 leerlingen zwoegen deze weken weer op hun eindexamen. Daarna is het voor de meesten tijd voor de tas aan de vlaggenmast, feesten en een nieuw leven. Het eindexamen is al een oud fenomeen, problemen bij eindexamens ook.

Helpende leraren

Voor 1920 organiseerden provinciale examencommissies de eindexamens. In de commissies zaten leraren van verschillende middelbare scholen. In 1909 werd driftig gecorrespondeerd tussen Arnhemse en Amersfoortse leerlingen om uit te vinden welke stokpaardjes de leraren in de eindexamencommissies hadden. Dat was niet echt verboden. Kwalijker was het feit dat sommige leraren hun leerlingen bevoordeelden door “besprekingen te houden over de te verwachten onderwerpen”. Leraren maakten het hun leerlingen wel vaker ‘makkelijk’.

Fraude en corruptie

Het gedrag van leerlingen en leraren van het gymnasium in Doetinchem zorgde in 1904 voor een landelijk schandaal. Een gemeentelijke commissie onderzocht de onregelmatigheden. Een leerling verklaarde: ‘Ja! Er is geknoeid, er is omgekocht, er is inbraak gepleegd, er zijn zegels verbroken, er is gelogen en bedrogen, niet door examinatoren maar door examinandi.’ Maar sommige leraren en de rector gingen ook niet bepaald vrijuit: zij gaven voor veel geld ‘privaatlessen’ aan huis en de leerlingen kregen zo precies op welke examenopgaven ze zouden krijgen. Welgestelde ouders ‘kochten’ op die manier het diploma voor hun kind.

Bewezen knoeierij onbestraft

Ondanks het vernietigende rapport van de gemeentelijke commissie met het advies de rector en twee andere leraren te ontslaan, werd daar niet voor gekozen. De onderwijsinspectie vond het rapport te eenzijdig. De gemeenteraad van Doetinchem vertrouwde er op, ook al was de ‘knoeierij’ bewezen, dat de leraren van hun fouten zouden leren en zich nooit meer aan ‘dergelijke ongeoorloofde handelingen’ schuldig zouden maken. 

Selectief examentoezicht

In 1911 bleek dat het examentoezicht van gymnasium Rolduc ‘zijne oogen dicht doet als het iets niet wil zien’. Er werd driftig ‘afgepend’, boeken mochten mee naar het examen, papiertjes werden overgegooid, er werd druk gefluisterd. En leraren stonden vaak met hun rug naar de leerlingen. Dit moest volgens de onderwijsinspectie: ‘tot nadenken stemmen, gelet op de eigenaardige en innige verhouding die tusschen leeraren en leerlingen van een pensionaat bestaan.’ Bovendien was een leraar die wel scherp toezicht hield, lastig gevallen door zijn collega’s!

Verbetering

Met de invoering van de landelijke eindexamens in 1920 en verscherping van het toezicht komt examenfraude steeds minder voor. Wat blijft zijn onbegrijpelijke opgaven, haperende computers en storend lawaai waar het LAKS de komende tijd zijn handen vol aan heeft.

Nationaal Archief

2.04.10 Ministerie van Binnenlandse Zaken, afdeling Onderwijs, inv. nr. 369
2.14.02 Inspectie Gymnasiaal Onderwijs, inv.nr. 158, 261

Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in