Nationaal Archief. Collectie, tentoonstellingen en activiteiten

Ruslandgids, Geschiedenis archiefvormer: Organisatie van de departementen Op 13 mei 1940 verlieten, ten gevolge van de Duitse inval, koningin Wilhelmina en het kabinet De Geer Nederland om zich in Londen te vestigen. Mr M.P.L. Steenberghe, minister van Handel, Nijverheid en Scheepvaart, kon vlak na aankomst in Londen beschikken over een drietal hoofdambtenaren ( Drs A.B. Speekenbrink, D.M. de Smit en mr H. van Blankenstein.). Door toeneming van de werkzaamheden groeide ook de omvang van het departement. Op 1 april 1944 werkten er ca. 35 personen op het departement van Handel, Nijverheid en Scheepvaart, dat gevestigd was in Stratton House in de Engelse hoofdstad. Twee voorname zaken waarmee het departement van Handel, Nijverheid en Scheepvaart zich na aankomst in Londen mee bezig hield, waren de inschakeling van de Nederlandse koopvaardijvloot bij de geallieerde oorlogsvoering en het aankopen en beheren van goederen die in Nederland na de bevrijding nodig waren. Later kwam daar de economische wederopbouw (reconstructie) en bevoorrading (ravitaillering) van Nederland na de bevrijding nog bij. Na het arriveren van het kabinet De Geer in Londen werd de door de gezant ingestelde adviescommissie uitgebreid met andere reders en vertegenwoordigers van bedrijven tot de Nederlandse Scheepvaart en Handelscommissie (NSHC; Netherlands Shipping and Trading Committee NSTC). De commissie kreeg van de regering volmacht om scheepvaart- en handelsaangelegenheden te behandelen. De minister van Handel, Nijverheid en Scheepvaart was in de NSTC vertegenwoordigd door twee ambtenaren die toezicht namens hem uitoefenden: één voor scheepvaartaangelegenheden (A.B. Speekenbrink) en één voor handelsaangelegenheden, het beheer en de verkoop van de ladingen (D.M. de Smit). Interne organisatie Gedurende het eerste jaar was het ministerie niet in formele afdelingen of bureaus ingedeeld. Als gevolg van de toeneming der werkzaamheden werd eerst in november 1941 een bureauindeling ingevoerd. Er bestonden de volgende bureaus: Kabinet en Archief Afdeling Economische Politiek Afdeling Scheepvaart Afdeling Handelszaken Afdeling Juridische en Algemene Zaken Bureau Comptabiliteit De werkkringen van het departement van Handel, Nijverheid en Scheepvaart in Londen waren als volgt over de afdelingen verdeeld: 1. Afdeling Economische Politiek Ravitaillering van Nederland na de bevrijding. Aangelegenheden op het gebied van de landbouw en voedselvoorziening. 2. Afdeling Scheepvaart Zaken betreffende de Nederlandse handelsvloot en de Nederlandse zeelieden, waaronder die de visserij betreffende. 3. Afdeling Handelszaken Zaken betreffende de afwikkeling van gestrande ladingen en contracten van goederen, bestemd geweest voor Nederland. 4. Afdeling Juridische en Algemene Zaken Aangelegenheden van wetgevende en juridische aard. Toepassing van de besluiten inzake het rechtsverkeer in oorlogstijd en de eigendomsovergang aan de Staat van bezittingen in het buitenland van personen in bezet Nederland. Octrooizaken. Vraagstukken betreffende de toekomstige handelspolitieke verhoudingen. Documentatie betreffende de economische verhoudingen in bezet Nederland en elders (economische voorlichting en documentatie). Voorbereiding Sectie Economische Zaken van de Staf van het Militair Gezag (sinds eind 1943). Uit de afdeling Economische Politiek werd een nieuwe afdeling gevormd en wel de: 5. Afdeling Nijverheid het opstellen van een werkplan voor economische reconstructie; de samenstelling van het 'overzicht Nederl(andsche) Industrie'; de opstelling van primaire metaalbehoeften na de bevrijding (ramingen en toelichtingen); samenwerking met de Studiegroep voor Reconstructie-Problemen behandeling van industrieproblemen in het algemeen en in samenwerking met andere departemeten; deelname aan de organisatie Allied Post War Requirements Bureau ('Leith-Ross') inzake internationale geallieerde behoefteramingen voor na de bevrijding. Na de splitsing van het departement van Handel, Nijverheid en Scheepvaart in juni 1944 in twee departementen, bemoeide het departement van Handel, Nijverheid en Landbouw zich met de volgende zaken: Afdeling Economische Politiek Documentatie betreffende de economische verhoudingen in bezet Nederland en elders (economische voorlichting en documentatie). Afdeling Landbouw en Voedselvoorziening Ravitaillering van Nederland na de bevrijding. Aangelegenheden op het gebied van de landbouw en de voedselvoorziening. Afdeling Nijverheid Aangelegenheden betreffende de Nederlandse industrie.

Alle resultaten

Geschiedenis archiefvormer Organisatie van de departementen
Op 13 mei 1940 verlieten, ten gevolge van de Duitse inval, koningin Wilhelmina en het kabinet De Geer Nederland om zich in Londen te vestigen. Mr M.P.L. Steenberghe, minister van Handel, Nijverheid en Scheepvaart, kon vlak na aankomst in Londen beschikken over een drietal hoofdambtenaren ( Drs A.B. Speekenbrink, D.M. de Smit en mr H. van Blankenstein.).
Door toeneming van de werkzaamheden groeide ook de omvang van het departement. Op 1 april 1944 werkten er ca. 35 personen op het departement van Handel, Nijverheid en Scheepvaart, dat gevestigd was in Stratton House in de Engelse hoofdstad. Twee voorname zaken waarmee het departement van Handel, Nijverheid en Scheepvaart zich na aankomst in Londen mee bezig hield, waren de inschakeling van de Nederlandse koopvaardijvloot bij de geallieerde oorlogsvoering en het aankopen en beheren van goederen die in Nederland na de bevrijding nodig waren. Later kwam daar de economische wederopbouw (reconstructie) en bevoorrading (ravitaillering) van Nederland na de bevrijding nog bij.
Na het arriveren van het kabinet De Geer in Londen werd de door de gezant ingestelde adviescommissie uitgebreid met andere reders en vertegenwoordigers van bedrijven tot de Nederlandse Scheepvaart en Handelscommissie (NSHC; Netherlands Shipping and Trading Committee NSTC). De commissie kreeg van de regering volmacht om scheepvaart- en handelsaangelegenheden te behandelen. De minister van Handel, Nijverheid en Scheepvaart was in de NSTC vertegenwoordigd door twee ambtenaren die toezicht namens hem uitoefenden: één voor scheepvaartaangelegenheden (A.B. Speekenbrink) en één voor handelsaangelegenheden, het beheer en de verkoop van de ladingen (D.M. de Smit).
Interne organisatie
Gedurende het eerste jaar was het ministerie niet in formele afdelingen of bureaus ingedeeld. Als gevolg van de toeneming der werkzaamheden werd eerst in november 1941 een bureauindeling ingevoerd. Er bestonden de volgende bureaus:

Kabinet en Archief
Afdeling Economische Politiek
Afdeling Scheepvaart
Afdeling Handelszaken
Afdeling Juridische en Algemene Zaken
Bureau Comptabiliteit

De werkkringen van het departement van Handel, Nijverheid en Scheepvaart in Londen waren als volgt over de afdelingen verdeeld:

1. Afdeling Economische Politiek
Ravitaillering van Nederland na de bevrijding.
Aangelegenheden op het gebied van de landbouw en voedselvoorziening.
2. Afdeling Scheepvaart
Zaken betreffende de Nederlandse handelsvloot en de Nederlandse zeelieden, waaronder die de visserij betreffende.
3. Afdeling Handelszaken
Zaken betreffende de afwikkeling van gestrande ladingen en contracten van goederen, bestemd geweest voor Nederland.
4. Afdeling Juridische en Algemene Zaken
Aangelegenheden van wetgevende en juridische aard.
Toepassing van de besluiten inzake het rechtsverkeer in oorlogstijd en de eigendomsovergang aan de Staat van bezittingen in het buitenland van personen in bezet Nederland.
Octrooizaken.
Vraagstukken betreffende de toekomstige handelspolitieke verhoudingen.
Documentatie betreffende de economische verhoudingen in bezet Nederland en elders (economische voorlichting en documentatie).
Voorbereiding Sectie Economische Zaken van de Staf van het Militair Gezag (sinds eind 1943).
Uit de afdeling Economische Politiek werd een nieuwe afdeling gevormd en wel de:
5. Afdeling Nijverheid
het opstellen van een werkplan voor economische reconstructie;
de samenstelling van het 'overzicht Nederl(andsche) Industrie';
de opstelling van primaire metaalbehoeften na de bevrijding (ramingen en toelichtingen);
samenwerking met de Studiegroep voor Reconstructie-Problemen
behandeling van industrieproblemen in het algemeen en in samenwerking met andere departemeten;
deelname aan de organisatie Allied Post War Requirements Bureau ('Leith-Ross') inzake internationale geallieerde behoefteramingen voor na de bevrijding.

Na de splitsing van het departement van Handel, Nijverheid en Scheepvaart in juni 1944 in twee departementen, bemoeide het departement van Handel, Nijverheid en Landbouw zich met de volgende zaken:

Afdeling Economische Politiek
Documentatie betreffende de economische verhoudingen in bezet Nederland en elders (economische voorlichting en documentatie).
Afdeling Landbouw en Voedselvoorziening
Ravitaillering van Nederland na de bevrijding.
Aangelegenheden op het gebied van de landbouw en de voedselvoorziening.
Afdeling Nijverheid
Aangelegenheden betreffende de Nederlandse industrie.

Reacties

Nieuwe reactie inzenden
Velden gemarkeerd met een sterretje (*) zijn verplicht
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Toegelaten HTML-tags: <p> <a> <em> <strong> <br> <abbr>
  • Zet HTML-elementen in hoofdletters om naar kleine letters.
Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in